Inschrijven Newsletters

Terug ] Risico ] Taak ] Overlevingsplan ] [ Werking ] Overlevingsplan (Financiering) ] Verzekeringen ]

Ondernemingen > Risk Management > Werking

De Risk Manager ondervraagt alle verantwoordelijken stroomopwaarts in de hiërarchie. 

Een risicocentrum kan worden gedefinieerd als een deel van een onderneming dat is toevertrouwd aan een verantwoordelijke die bevoegd is om de menselijke, technische, commerciële en financiële hulpmiddelen te organiseren om één of meer oogmerken te bereiken. Die “risicocentra” worden meestal met de “departementen” van de onderneming vereenzelvigd.

Hij poogt eerst de oogmerken en de middelen van het bestudeerde risicocentrum te onderkennen.

Vervolgens probeert hij de gebeurtenissen te identificeren die de werking van de entiteit kunnen verhinderen en stelt zich daarbij twee fundamentele vragen:

  • Indien uw technische middelen tijdens de nacht worden vernield, hoe zou u dan reageren om vanaf ‘s anderendaags operationeel te zijn?

  • Indien uw technische middelen intact zijn, maar uw personeel onbeschikbaar is, hoe zou u dan reageren om operationeel te zijn?

De risico’s van brand en staking zijn een goede illustratie van die beide toestanden.

Aan de hand van die twee vragen zal het mogelijk zijn de middelen van het centrum te  onderkennen, die men te allen prijze moet vrijwaren en de oplossingen te kennen die de verantwoordelijken op het terrein naar voren schuiven.

Het spreekt voor zich dat de verantwoordelijke van het centrum, gelet op zijn beperkte bevoegdheid, geen antwoord op alle risicohypothesen zal vinden.

Het komt er dus op aan hetzelfde proces met de hiërarchisch hoger geplaatste persoon te herbeginnen, bij hem verslag uit te brengen van de suggesties die op hiërarchisch lager vlak werden gedaan en hem op zijn beurt over de niet-gedelegeerde oogmerken vragen te stellen.

Dat werk moet tot bij de Algemene Directie worden voortgezet.

In de door de Risk Manager bijeengebrachte informatie moet tevens met de dimensie “onderlinge afhankelijkheid” van de risicocentra rekening worden gehouden.

Wanneer de Risk Manager bij de Algemene Directie is aanbeland, blijft hij geconfronteerd met een aantal scenario’s waarbij de onderneming wordt verlamd. Het betreft grote risico’s waarvoor geen preventie mogelijk is en het nodig is een overlevingsplan uit te werken.

De Risk Manager zal bij de uitoefening van zijn taak gebruik maken van de risicomatrix(en), waarmee hij prioriteiten inzake verwerking zal kunnen bepalen en de verliezen ramen. 

Voorbeeld van matrix m.b.t. roerende en onroerende goederen. 

 

RISICOVOORWERPEN

 

RISICO-

OORZAKEN

 

Kantoren

 

Ateliers

 

Voorraad

 

Garage

 

 

Fre.

Ern.

FxE

Fre.

Ern.

FxE

Fre.

Ern.

FxE

Fre.

Ern.

FxE

 

brand

- materiële

- immateriële

 

Elektr. risico’s

- materiële

- immateriële

 

machinebreuk

- materiële

- immateriële

 

storm

- materiële

- immateriële

 

staking

- materiële

- immateriële

 

 

2

2

 

 

2

2

 

 

 

 

 

 

2

2

 

 

3

3

 

 

10

1

 

 

1

1

 

 

 

 

 

 

1

1

 

 

1

10

 

 

20

2

 

 

2

2

 

 

 

 

 

 

2

2

 

 

3

30

 

 

3

3

 

 

3

3

 

 

5

5

 

 

2

2

 

 

4

4

 

 

100

100

 

 

10

10

 

 

10

10

 

 

1

1

 

 

1

100

 

 

300

300

 

 

30

30

 

 

50

50

 

 

2

2

 

 

4

400

 

 

4

4

 

 

2

2

 

 

 

 

 

 

2

2

 

 

4

4

 

 

10

1

 

 

1

1

 

 

 

 

 

 

10

10

 

 

1

100

 

 

40

4

 

 

2

2

 

 

 

 

 

 

20

20

 

 

4

400

 

 

4

4

 

 

4

4

 

 

4

4

 

 

2

2

 

 

3

3

 

 

10

1

 

 

1

1

 

 

1

1

 

 

1

1

 

 

1

1

 

 

40

4

 

 

4

4

 

 

4

4

 

 

2

2

 

 

3

3

 

Er moet ten minste een matrix per type van middel (MTCFC) zijn.

Uit het bovenvermelde voorbeeld blijkt dat de matrixen een overzicht verschaffen van de risico-oorzaken en van de risicovoorwerpen met een beoordeling inzake de frequentie en de ernst.

Men onderscheidt voor elke risico-oorzaak enerzijds “materiële” risicovoorwerpen (mater.) die de kosten omvatten voor het opnieuw in orde brengen van het instrument i.g.v. schade en anderzijds “immateriële” risicovoorwerpen (immat.) die alle rechtstreekse kosten omvatten die uit het stilvallen van de productie voortvloeien.

Schaal van de in het voorbeeld gebruikte cijfers: 

Frequentie over een periode van 10 jaar (Fre)

Ernst uitgedrukt in Eur (Ern.)

 

Nagenoeg zeker                                        5

Zeer waarschijnlijk                                     4

Waarschijnlijk                                           3

Niet erg waarschijnlijk                                2

 

 

1          Gering (250)

10        Ernstig (2.500)

100      Catastrofaal (+ 25.000)

 

 De combinaties (F x E) frequentie en ernst (kosten) leiden tot een rangschikking waarvoor de goedkeuring van de verantwoordelijken van de risicocentra moet worden verkregen.

Volgend

 

Copyright © 2001-2010  webmaster@grassavoye.be   - GRAS SAVOYE BELGIUM NV - CBFA : 024283 A